Maandagmorgen zijn we richting San Andres Island vertrokken. Op de luchthaven van Cartagena moesten we eerst nog een zware controle ondergaan. Onze koffers moesten open en werden gans doorzocht. Een pakje koffie moest eraan geloven en werd geopend. Er zouden maar eens drugs kunnen inzitten. Grrrr... Kalm en vriendelijk blijven. Nadien werd de handbagage nog eens gescand en werden we tot tweemaal toe gefouilleerd. Weliswaar allesbehalve grondig. In Belgie zouden ze gebuisd zijn. Op San Andres Island moesten we weer dezelfde controle ondergaan...
Maandagmiddag arriveerden we om 12u30 in ons hotel, Decameron Los Delfines. We moesten tot 15 uur wachten op onze kamer. Omstreeks 15 uur kwam een verantwoordelijke zich excuseren omdat we zo lang hadden moeten wachten. Maar het wachten bleek de moeite waard, want om een voor ons onbekende reden kregen we de suite van het hotel! Twee kamers, een dubbel en een eenpersoonsbed en een terras met een uitzicht om u tegen te zeggen. Het grappige was dat we voordien al opgemerkt hadden dat dit de beste kamer van het hotel was en dat we tegen elkaar gezegd hadden dat we deze zeker niet zouden krijgen. Toch wel dus! Naar een reden hebben we niet gevraagd. Stel dat ze ineens hun vergissing zouden inzien. :-)
Dinsdag hebben we platte rust gehouden en van het zonnetje genoten. De manager kwam al lachend zeggen dat we het rustig aan moesten doen, omdat we anders knalrood zouden zien. We zagen 's avonds inderdaad een beetje rood, maar toch ook wel een beetje bruin. :-)Decameron heeft verschillende hotels op het eiland en in elk hotel mag je als gast van de Decameron-keten eten en drinken. 's Avonds zijn we Japans gaan eten in Decameron San Luis. Dit sloeg toch wel een beetje tegen. De sushi viel uiteen, de soep was gewoon bouillon en de rest leek van een tweederangschinees te komen. Niet voor herhaling vatbaar dus.
Woensdag hebben we een golfwagentje gehuurd. Dit is blijkbaar het vervoermiddel voor toeristen op dit eiland, gezien er toch overal een snelheidsbeperking van 30 km per uur geldt. Tijdens onze rondrit zijn we aan verschillende Decameron-hotels gestopt om iets te drinken. Hieruit kunnen we besluiten dat Los Delfines toch echt wel het beste hotel van de keten is op dit eiland. 's Middags hebben we geluncht aan de Rocky Cay beachclub. Daar kan je door het water naar een eilandje voor de kust waden. Wij hebben het enkel bij kijken gehouden gezien we onze bikini's niet bij hadden. Aan de Hoyo Soplador, een soort van geiser, kregen we te maken met een wel heel opdringerige eilandbewoner die ons eens ging zeggen wat we moesten doen en wat we zouden drinken. We moesten per se een fruitpunch uit een kokosnoot drinken, het duurste van de kaart natuurlijk. Ik weigerde en wou een fruitsap bestellen. Dit kon blijkbaar niet. Na zeker 10 keer "nee" gezegd te hebben, kwam hij toch af met zo'n kokosnoot. Voor de 11e keer "nee" gezegd en mij omgedraaid. De eilandbewoner was allesbehalve gelukkig... Na onze rondrit zijn we nog gaan windowshoppen om vervolgens in ons eigen hotel te gaan eten. Het eten is hier trouwens heel goed verzorgd. Geen overdaad, maar gewoon genoeg. Je ziet hier dan ook geen mensen die vanalles opscheppen en het dan laten staan.
Vannacht heeft het goed gestormd, met als gevolg dat er vandaag, donderdag, enorm veel wind stond en het bewolkt was. In de voormiddag heb ik nog een wasje gedaan en is Cyn gaan shoppen. In de namiddag kwam de zon af en toe piepen en hebben we ons toch op een ligstoel gelegd. Alle beetjes helpen... :-)
Morgenmiddag vertrekken we terug naar huis. Het zal een vermoeiende reis worden. Rond 13u15 stijgen we op in San Andres, om omstreeks 15u30 te landen in Bogota. Omstreeks 18u30 vliegen we verder naar Parijs. Daar nemen we dan de TGV naar Brussel waar we zaterdag rond 14u15 aankomen en in de armen van onze ventjes zullen vallen. Vijf weken elkaar moeten missen is toch wel lang!
Groetjes,
Jess & Cyn
donderdag 18 februari 2010
vrijdag 12 februari 2010
Cartagena
Woensdag zijn we aangekomen in Cartagena. We hadden een kamer geboekt in Media Luna Art Hostel. Onze boeking bleek echter verloren, waardoor we de eerste nacht moesten doorbrengen in een bloedhete kamer waarin de ventilator zo'n 5 meter hoog hing en dus weinig effect had. Bovendien hadden we geen eigen badkamer. De volgende dag hebben we dan maar ingecheckt in een andere jeugdherberg, La Casona. Hier hebben we een kamer met airco, tv met engelstalige programma's en een eigen badkamer. Happy happy happy!
Donderdag zijn we de oude binnenstad van Cartagena gaan verkennen. Heel mooie koloniale architectuur en heel anders dan de rest van Colombia. Het doet zelfs een beetje aan Havanna denken.
Vrijdag zijn we naar de Volcan de Totumo geweest, een vulkaan waar modder uitkomt die zeer goed voor de huid zou zijn. We stonden er eerst wat weigerachtig tegenover om erin te gaan. Het zag er echt smerig uit. Maar aangezien we voor de tour betaald hadden (ja, nog altijd heel prijsbewust) en we er nu toch waren, zijn we er uiteindelijk maar ingegaan. En het was eigenlijk best wel leuk. Het voelde een beetje aan als pudding waarin je bleef drijven. De plaatselijke bevolking geeft je een massage, neemt ondertussen foto's met je fototoestel en de vrouwen spoelen je nadien helemaal af in een nabijgelegen meer. En omdat die modder overal kruipt, gaat ook echt alles uit! Nadien zijn we nog gestopt aan een strandje waar we werden getrakteerd op verse vis. Lekker! 's Avonds zijn we nog naar Café del Mar geweest, een chique cocktailbar op de muur rondom de oude binnenstad. Uno caipiroshka sin limon pero con fresas y uno daiquiri con fresas por favor. Het smaakte. ;-)
Zaterdag hebben we een fort bezocht dat enkel via een bootje bereikbaar was. Ik ben blij dat dat bootje niet gezonken is. Met 27 personen zaten we erin. Na ons bezoek aan het fort bleek het niet evident om nog terug aan wal te geraken. Na enige volharding is het dan toch gelukt.
Zondag zijn we richting Barranquilla getrokken voor carnaval. De rit ernaartoe heeft zo'n 3,5 uur in beslag genomen. Eens aangekomen bleek dat heel de parade van het zicht onttrokken was door hoge tribunes, waarvan de toegangsprijs veel te hoog was naar onze zin. Dan maar eventjes door enkele spijlen gekeken. En gezien het blijkbaar toch niet aan het niveau van Rio kon tippen, zijn we maar "huiswaarts" gekeerd.
Morgen vertrekken we naar onze laatste bestemming voor we terug naar huis keren: San Andres Island. 5 dagen zonnen, eten en cocktails drinken. Het zal deugd doen, want we zijn toch wel een beetje moe ondertussen.
Groetjes,
Jess & Cynthia
Donderdag zijn we de oude binnenstad van Cartagena gaan verkennen. Heel mooie koloniale architectuur en heel anders dan de rest van Colombia. Het doet zelfs een beetje aan Havanna denken.
Vrijdag zijn we naar de Volcan de Totumo geweest, een vulkaan waar modder uitkomt die zeer goed voor de huid zou zijn. We stonden er eerst wat weigerachtig tegenover om erin te gaan. Het zag er echt smerig uit. Maar aangezien we voor de tour betaald hadden (ja, nog altijd heel prijsbewust) en we er nu toch waren, zijn we er uiteindelijk maar ingegaan. En het was eigenlijk best wel leuk. Het voelde een beetje aan als pudding waarin je bleef drijven. De plaatselijke bevolking geeft je een massage, neemt ondertussen foto's met je fototoestel en de vrouwen spoelen je nadien helemaal af in een nabijgelegen meer. En omdat die modder overal kruipt, gaat ook echt alles uit! Nadien zijn we nog gestopt aan een strandje waar we werden getrakteerd op verse vis. Lekker! 's Avonds zijn we nog naar Café del Mar geweest, een chique cocktailbar op de muur rondom de oude binnenstad. Uno caipiroshka sin limon pero con fresas y uno daiquiri con fresas por favor. Het smaakte. ;-)
Zaterdag hebben we een fort bezocht dat enkel via een bootje bereikbaar was. Ik ben blij dat dat bootje niet gezonken is. Met 27 personen zaten we erin. Na ons bezoek aan het fort bleek het niet evident om nog terug aan wal te geraken. Na enige volharding is het dan toch gelukt.
Zondag zijn we richting Barranquilla getrokken voor carnaval. De rit ernaartoe heeft zo'n 3,5 uur in beslag genomen. Eens aangekomen bleek dat heel de parade van het zicht onttrokken was door hoge tribunes, waarvan de toegangsprijs veel te hoog was naar onze zin. Dan maar eventjes door enkele spijlen gekeken. En gezien het blijkbaar toch niet aan het niveau van Rio kon tippen, zijn we maar "huiswaarts" gekeerd.
Morgen vertrekken we naar onze laatste bestemming voor we terug naar huis keren: San Andres Island. 5 dagen zonnen, eten en cocktails drinken. Het zal deugd doen, want we zijn toch wel een beetje moe ondertussen.
Groetjes,
Jess & Cynthia
woensdag 10 februari 2010
Santa Marta
Dinsdag zijn we naar Santa Marta geweest, waar we het Museo del Oro Tayrona hebben bezocht. Hier kan je het goud bekijken dat tijdens de opgravingen in Ciudad Perdida is gevonden. Verder is er ook een maquette te zien van hoe Ciudad Perdida er waarschijnlijk heeft uitgezien toen de Tayrona's er nog woonden. Daarnaast hebben we nog wat gewinkeld. Wat opviel was dat er heel wat zwervers rondliepen.
's Middags hebben we onze honger gestild met een hamburger. In de toeristische steden word je bijna voortdurend aangesproken door verkopers. Ook tijdens het eten was dit zo. Één van die verkopers zag dat ik maar een halve hamburger had opgegeten en vroeg of hij de rest mocht hebben. Echt schrijnend om te zien hoe blij hij was dat hij mijn "afval" kreeg.
Morgen laten we Taganga en Santa Marta achter ons en reizen we door naar Cartagena.
Groetjes,
Jess & Cyn
's Middags hebben we onze honger gestild met een hamburger. In de toeristische steden word je bijna voortdurend aangesproken door verkopers. Ook tijdens het eten was dit zo. Één van die verkopers zag dat ik maar een halve hamburger had opgegeten en vroeg of hij de rest mocht hebben. Echt schrijnend om te zien hoe blij hij was dat hij mijn "afval" kreeg.
Morgen laten we Taganga en Santa Marta achter ons en reizen we door naar Cartagena.
Groetjes,
Jess & Cyn
La Guajira
Zondagmorgen om 5u zijn we met een touroperator naar La Guajira vertrokken. Toen we de bus opstapten, merkten we al direct dat de andere deelnemers zo'n 30 tot 40 jaar ouder waren. Ergens was dat wel een geruststelling, want dan zou het sowieso niet al te vermoeiend worden.
Er was enkel nog plaats op de achterste bank. Na enkele minuten rijden was het al vrij duidelijk dat de vering van de minibus niet meer optimaal was. We vlogen regelmatig omhoog. De Italiaan die voor ons zat, vond het allemaal wel grappig. Wij na een tijdje niet meer zo. Cyn was gebroken en ik begon groen uit te slaan.
Na ontbeten te hebben in Riohacha, was de volgende stop de zoutmijnen van Manaure. Hoe heel het proces exact in zijn werk gaat is ons ontgaan, aangezien de gids enkel Spaans kon. Gelukkig kregen we af en toe wel een vertaling van drie lieve gepensioneerde dames uit Bogota, die eigenlijk best wel goed Engels konden. Na Manaure was het enkele uren rijden tot Cabo de la Vela. Hier zijn we rond 15 uur aangekomen. Na de lunch zijn we naar El Faro en El Pilon de Azucar gereden, waar de uitzichten echt fenomenaal waren. We kregen ook even de tijd om de zee in te duiken, maar we hebben het bij pootje baden gehouden. Na zonsondergang was het tijd om ons te verfrissen en te eten. Gezien de busreis vrij vermoeiend was, zijn we niet veel later onze hangmat ingeduikeld. Voor mij was het eerder een onrustige nacht, gezien mijn buikje overuren begon te doen...
Maandag was een minder leuke dag. De gepensioneerden wilden per se gaan shoppen in Maicao, een groezelige stad die bekend staat voor haar nepproducten van Lacoste, Puma, Tommy Hilfiger, enz. Aangezien ik me nog steeds niet goed voelde en Cyn moe was, wilden we op de bus blijven. Dit mocht echter niet. We moesten eruit. Dik tegen onze zin hebben we dan even rondgewandeld, om 10 minuten later neer te ploffen op een bank en een vol uur te wachten tot we weer op de bus mochten. Het ergste was dat we hiervoor nog eens 10.000 COP moesten bijbetalen. Na deze verplichte uitstap zijn we doorgereden naar Riohacha voor lunch/avondeten. Ook daar was tijd voorzien om te winkelen. Toen iedereen terug aan de plaats van de bus kwam, was deze weg. Na een half uur doken de chauffeur en de gids terug op en konden we onze weg verder zetten naar Taganga, waar we rond 21 uur zijn aangekomen.
We waren blij dat deze trip maar voor 2 dagen was. Zo'n begeleide rondreis is niets voor ons, vooral niet als de gids geen moeite doet om iets trager te praten zodat we er toch iets van zouden verstaan. Gelukkig waren er nog de 3 lieve dames uit Bogota, die hartelijk afscheid van ons hebben genomen.
De uitzichten van Cabo de la Vela waren onbeschrijflijk mooi, maar achteraf hebben we wel onze bedenkingen erbij of de trip wel de moeite was.
Groetjes,
Jess & Cyn
Er was enkel nog plaats op de achterste bank. Na enkele minuten rijden was het al vrij duidelijk dat de vering van de minibus niet meer optimaal was. We vlogen regelmatig omhoog. De Italiaan die voor ons zat, vond het allemaal wel grappig. Wij na een tijdje niet meer zo. Cyn was gebroken en ik begon groen uit te slaan.
Na ontbeten te hebben in Riohacha, was de volgende stop de zoutmijnen van Manaure. Hoe heel het proces exact in zijn werk gaat is ons ontgaan, aangezien de gids enkel Spaans kon. Gelukkig kregen we af en toe wel een vertaling van drie lieve gepensioneerde dames uit Bogota, die eigenlijk best wel goed Engels konden. Na Manaure was het enkele uren rijden tot Cabo de la Vela. Hier zijn we rond 15 uur aangekomen. Na de lunch zijn we naar El Faro en El Pilon de Azucar gereden, waar de uitzichten echt fenomenaal waren. We kregen ook even de tijd om de zee in te duiken, maar we hebben het bij pootje baden gehouden. Na zonsondergang was het tijd om ons te verfrissen en te eten. Gezien de busreis vrij vermoeiend was, zijn we niet veel later onze hangmat ingeduikeld. Voor mij was het eerder een onrustige nacht, gezien mijn buikje overuren begon te doen...
Maandag was een minder leuke dag. De gepensioneerden wilden per se gaan shoppen in Maicao, een groezelige stad die bekend staat voor haar nepproducten van Lacoste, Puma, Tommy Hilfiger, enz. Aangezien ik me nog steeds niet goed voelde en Cyn moe was, wilden we op de bus blijven. Dit mocht echter niet. We moesten eruit. Dik tegen onze zin hebben we dan even rondgewandeld, om 10 minuten later neer te ploffen op een bank en een vol uur te wachten tot we weer op de bus mochten. Het ergste was dat we hiervoor nog eens 10.000 COP moesten bijbetalen. Na deze verplichte uitstap zijn we doorgereden naar Riohacha voor lunch/avondeten. Ook daar was tijd voorzien om te winkelen. Toen iedereen terug aan de plaats van de bus kwam, was deze weg. Na een half uur doken de chauffeur en de gids terug op en konden we onze weg verder zetten naar Taganga, waar we rond 21 uur zijn aangekomen.
We waren blij dat deze trip maar voor 2 dagen was. Zo'n begeleide rondreis is niets voor ons, vooral niet als de gids geen moeite doet om iets trager te praten zodat we er toch iets van zouden verstaan. Gelukkig waren er nog de 3 lieve dames uit Bogota, die hartelijk afscheid van ons hebben genomen.
De uitzichten van Cabo de la Vela waren onbeschrijflijk mooi, maar achteraf hebben we wel onze bedenkingen erbij of de trip wel de moeite was.
Groetjes,
Jess & Cyn
zaterdag 6 februari 2010
Taganga
Zaterdag hebben we het, na onze fysieke inspanningen in de Sierra Nevada de Santa Marta, zeer rustig gehouden. Cyn heeft haar boek uitgelezen en ik heb me beziggehouden met nog wat foto's online te zetten. De dag hebben we afgesloten met een welverdiende cocktail. Cyn een Daiquiri Lemon en ik een Caipiroska Piña (bij gebrek aan aardbeien). Of het een gevolg was van de cocktail weet ik niet, maar Cyn droomde plots hardop in het Engels...
Vandaag zijn we naar Playa Grande getrokken. Dit is een gezellig strandje net voorbij de vissershaven van Taganga. De weg ernaartoe is ofwel met een vissersbootje ofwel te voet zo'n 20 minuten een kronkelig berg-op-padje (wat anders?!)volgen. Gezien onze verbeterde conditie en aangezien we gewoon beiden heel gierig zijn, zijn we te voet gegaan. Eens aangekomen hebben we er ons in een ligzetel geïnstalleerd om daarna te liggen bakken en braden bij ongeveer 40 graden. Op het strand liepen constant venters over en weer met bananenchips, verse vis, pan de yuca, roze garnalen, ijsjes, massages, kinderkleedjes, zonnebrillen, strandschoenen, juwelen, enz. Een ding konden we echt niet afslaan, de roze garnalen. Deze werden in een bekertje gedaan en hierop werd dan zout, looksaus, ui en ketchup gedaan. Heel lekker en verfrissend! Later op de dag ook nog un jugo de bananas con leche (bananenmilkshake) genomen en de dag kon niet meer stuk. Om 15u30 hebben we het voor bekeken gehouden, toen we vaststelden dat we beiden goed verbrand waren. Tijdens de terugweg kregen we een lift in een vissersbootje aangeboden voor 1000 COP per persoon. Dat kon er wel af. Het bleek wel een wrak van een bootje te zijn waarvan de motor soms uitviel, maar op 5 minuutjes stonden we terug in Taganga.
's Avonds zijn we nog pizza gaan eten in het dorp, waar ze al carnaval aan het vieren waren. Dit uitte zich vooral in heel veel bier drinken...
Morgen zoeken we opnieuw andere oorden op en trekken we voor 2 dagen het meest noordelijke departement, La Guajira, in. Meer hierover dinsdag...
Groetjes,
Jess & Cyn
Vandaag zijn we naar Playa Grande getrokken. Dit is een gezellig strandje net voorbij de vissershaven van Taganga. De weg ernaartoe is ofwel met een vissersbootje ofwel te voet zo'n 20 minuten een kronkelig berg-op-padje (wat anders?!)volgen. Gezien onze verbeterde conditie en aangezien we gewoon beiden heel gierig zijn, zijn we te voet gegaan. Eens aangekomen hebben we er ons in een ligzetel geïnstalleerd om daarna te liggen bakken en braden bij ongeveer 40 graden. Op het strand liepen constant venters over en weer met bananenchips, verse vis, pan de yuca, roze garnalen, ijsjes, massages, kinderkleedjes, zonnebrillen, strandschoenen, juwelen, enz. Een ding konden we echt niet afslaan, de roze garnalen. Deze werden in een bekertje gedaan en hierop werd dan zout, looksaus, ui en ketchup gedaan. Heel lekker en verfrissend! Later op de dag ook nog un jugo de bananas con leche (bananenmilkshake) genomen en de dag kon niet meer stuk. Om 15u30 hebben we het voor bekeken gehouden, toen we vaststelden dat we beiden goed verbrand waren. Tijdens de terugweg kregen we een lift in een vissersbootje aangeboden voor 1000 COP per persoon. Dat kon er wel af. Het bleek wel een wrak van een bootje te zijn waarvan de motor soms uitviel, maar op 5 minuutjes stonden we terug in Taganga.
's Avonds zijn we nog pizza gaan eten in het dorp, waar ze al carnaval aan het vieren waren. Dit uitte zich vooral in heel veel bier drinken...
Morgen zoeken we opnieuw andere oorden op en trekken we voor 2 dagen het meest noordelijke departement, La Guajira, in. Meer hierover dinsdag...
Groetjes,
Jess & Cyn
vrijdag 5 februari 2010
Ciudad Perdida
Zondagmorgen zijn we vertrokken naar Ciudad Perdida. Onze groep bestond uit 6 personen: Cyn en ik, Irena en Yure uit Slovenië en Kay en Alex uit Engeland. Al vanaf de eerste dag was het duidelijk dat het een loodzware tocht ging worden. Het waren steile beklimmingen in de volle zon. Het pad liep soms door de rivier en over gladde rotsen. Regelmatig moesten we over smalle richels, terwijl er naast ons een afgrond lag. Wat niet zo evident is voor iemand met hoogtevrees. :-( Bovendien moesten we de tocht doen met een rugzak op onze rug, wat het nog zwaarder maakte. We hadden niet verwacht dat het zo zwaar ging zijn. De derde dag hebben we na enkele beklimmingen, 9 keer de rivier doorwaden en 1200 tredes beklimmen Ciudad Perdida bereikt. Het gaf een speciaal gevoel om daar boven te staan en te weten dat de Tayrona's hier honderden jaren geleden hebben geleefd, totdat ze op een bepaald ogenblik uitgestorven waren, waarschijnlijk door ziektes die de Spaanse bezetters hadden meegebracht.
Ciudad Perdida is slechts één van vele steden. Er leiden trappen naar verschillende andere steden die volledig overgegroeid zijn door de jungle. Naar het schijnt zouden de Kogi's, de lokale indiaanse bevolking, ook weet hebben van steden die nog intact zijn en waar gouden relikwieën zijn terug te vinden, maar weigeren ze deze plaatsen vrij te geven omdat ze heilig zijn voor hen en omdat ze niet willen dat het goud in musea terechtkomt.
De contacten met de plaatselijke bevolking verliepen eerder stroef, wat ons een dubbel gevoel bezorgde. Het komt erop neer dat ze eigenlijk niet willen dat de toeristen Ciudad Perdida bezoeken, omdat het voor hen een heilige plaats is. De Kogi's hebben echter een overeenkomst gesloten met de overheid dat ze toeristen toelaten om het gebied te betreden. Per toerist moet er echter wel een bedrag van 40.000 COP (ca. 13 euro) aan de Kogi's betaald worden. Zelf wensen ze zo weinig mogelijk contact met de toeristen. Zo willen de meesten ook niet dat er foto's van hen worden genomen.
Op bepaalde plaatsen hadden de Kogi's standjes opgesteld waar we Gatorade en cola konden kopen. (Ze willen dus geen toeristen, maar ze verdienen er wel goed aan...) Zonder Gatorade was het me waarschijnlijk niet gelukt. Op vlak van eten hadden we niet te klagen. We kregen per dag drie uitgebreide maaltijden, die zeer lekker waren. Al denk ik dat op dat moment alles lekker zou geweest zijn. Tijdens de tocht werden we tussendoor door de begeleiding ook getrakteerd op fruit en fruitsap.
We hebben deze trip elk op onze eigen manier beleefd. Het was hard. En uiteindelijk sta je er alleen voor om het tot een goed einde te brengen.
Groetjes,
Jess & Cyn
Ciudad Perdida is slechts één van vele steden. Er leiden trappen naar verschillende andere steden die volledig overgegroeid zijn door de jungle. Naar het schijnt zouden de Kogi's, de lokale indiaanse bevolking, ook weet hebben van steden die nog intact zijn en waar gouden relikwieën zijn terug te vinden, maar weigeren ze deze plaatsen vrij te geven omdat ze heilig zijn voor hen en omdat ze niet willen dat het goud in musea terechtkomt.
De contacten met de plaatselijke bevolking verliepen eerder stroef, wat ons een dubbel gevoel bezorgde. Het komt erop neer dat ze eigenlijk niet willen dat de toeristen Ciudad Perdida bezoeken, omdat het voor hen een heilige plaats is. De Kogi's hebben echter een overeenkomst gesloten met de overheid dat ze toeristen toelaten om het gebied te betreden. Per toerist moet er echter wel een bedrag van 40.000 COP (ca. 13 euro) aan de Kogi's betaald worden. Zelf wensen ze zo weinig mogelijk contact met de toeristen. Zo willen de meesten ook niet dat er foto's van hen worden genomen.
Op bepaalde plaatsen hadden de Kogi's standjes opgesteld waar we Gatorade en cola konden kopen. (Ze willen dus geen toeristen, maar ze verdienen er wel goed aan...) Zonder Gatorade was het me waarschijnlijk niet gelukt. Op vlak van eten hadden we niet te klagen. We kregen per dag drie uitgebreide maaltijden, die zeer lekker waren. Al denk ik dat op dat moment alles lekker zou geweest zijn. Tijdens de tocht werden we tussendoor door de begeleiding ook getrakteerd op fruit en fruitsap.
We hebben deze trip elk op onze eigen manier beleefd. Het was hard. En uiteindelijk sta je er alleen voor om het tot een goed einde te brengen.
Groetjes,
Jess & Cyn
Abonneren op:
Berichten (Atom)